|
In Politiek neutraal Nederland
was een neveneffect van de Eerste Wereldoorlog een opleving artistieke
bedrijvigheid, die gekoppeld aan maatschappelijke verlichte wetgeving, het
lot van de arbeiderswoningen in Amsterdam zou verbeteren. Deze twee
componenten zorgden voor een buitengewoon rijke en vruchtbare ontwikkeling
in sociaal vooruitstrevende architectuur, waaronder flatgebouwen, scholen,
kerken, postkantoren, openbare gebouwen, bioscopen, privé-villa’s,
bruggenhuizen en straatmeubilair, allermaal met het kenmerkende decoratieve
stempel van de Amsterdamse School.
Op het moment dat Amsterdam in
de naoorlogse jaren bezig was zichzelf te transformeren, was een totaal
andere artistieke beweging ontstaan in Leiden en later in Rotterdam. Dit was
De Stijl. Deze twee bewegingen ontwikkelden zich afzonderlijk in een periode
van experimenteren en intense verandering in de jaren 1920. Amsterdam bouwt
voort op traditie, terwijl Rotterdam een zuivere breuk met het verleden
zocht.
|